Grote woorden

Autonoom. Door dat woord te gebrui­­ken, verlies ik lezers, vertelde een schipper mij op de beurs in Gorinchem. Hij haakte zelf ook af, had geen idee wat een ‘autonoom schip’ is. Hier uitleggen wat het betekent, heeft natuurlijk geen zin, want ik heb dat woord alweer twee keer opge­schreven, dus zullen er weer afhakers zijn.

Misschien moet ik afstappen van het principe dat als ik het begrijp, het voor niemand moeilijk kan zijn om te volgen. Ik ben geen raketgeleerde, maar ik kan goed doen alsof (dankzij Wikipedia). Als je de volgende bladzij­de omslaat van deze krant, zie je een groep raketgeleerden die een nieuw elan in de binnenvaart lanceerden. Ervaren bevrachters die het lef hadden om weer in de schoolbanken te gaan zitten om hun beroep te verede­len. Als ik binnenvaartondernemer was, zou ik onmiddellijk inschrijven voor de opleiding Nautisch Ondernemer die eind van het jaar start. Je moet die bevrachters wel
bijbenen natuurlijk.

Tijdens die bijeenkomst hield consultant Jan Bakker een voordracht over Big Data. Ik ga zo uitleggen wat dat is, want als je nog niet bent afgehaakt, neem ik aan dat je dat interessant vindt. Wat ik niet kan uitleggen, is waarom hij de bevrachters toesprak. Misschien was het een laatste test, deel uitmakend van de opleiding. Ik vond het wel OK.

‘Big Data’ is zo’n leuk gevonden, Angelsaksische term die een heleboel samenvat in een piepklein woordje. In dit geval is zelfs dat dubbelzinnig: ‘Big’ betekent uiteraard groot, maar omdat ‘Data’ er achter staat (‘gegevens’) zie je ineens een overweldigende hoeveelheid voor je. En dat betekent het ook. Veel meer gegevens dan één mens ooit zal kunnen bevatten.

Voor mij begon dat al met megabytes, want duizend keer duizend is al niet meer na te tellen. De naampjes van aantallen bytes verspringen telkens met een factor duizend en intussen zijn er gigabytes, terabytes, petabytes, exabytes, zettabytes en yottabytes. Die waanzinnige hoeveelheden gegevens worden opgeslagen op computers.

Dankzij internet kunnen we bij die gegevens en we kunnen ze gebruiken door de computers een serie opdrachten te geven en de gegevens te analyseren. Dat noemen we een algoritme. De steeds ingewikkelder, zichzelf voortdurend perfectionerende algoritmen kunnen alleen nog gebouwd en begrepen worden door computers.

We gaan het meemaken dat algoritmen het schip besturen en je straks ook de onderhandelingen over de vrachtprijs uit handen nemen. Dat is pas autonoom. Er zijn (nu nog) mensen nodig die aan de knoppen zitten.

De volgende cursus laat zich raden: “Aan de knoppen of naar de knoppen?”

GEEF JE MENING