Sunrise-drogeladingschip Enterprise toonbeeld van modal shift

Er wordt heel veel gepraat over modal shift, maar uitvoering in de praktijk blijkt vaak weerbarstig. Dat concrete en succesvolle modal shift zeker mogelijk is, komt tot uiting in het gloednieuwe motorschip Enterprise van Gebr. De Korte Handel- & Transportmij BV. Het schip gaat varen met staalrollenen van IJmuiden naar de auto-industrie aan de Donau, onder meer fabrieken van BMW, Audi, Fiat en Dacia in plaatsen zoals Regensburg en Budapest. De staalrollen werden voorheen vervoerd over spoor.

Sinds 2012 waren de gesprekken gaande tussen staalproducent Tata Steel en diverse betrokken partijen – waaronder Gebr. De Korte – om het staalvervoer voor de auto-industrie te verschuiven van spoor naar water. Vooral de overslag aan de Donau en de logistieke organisatie van het natransport bleken hete hangijzers. Maar de betrokken partijen beten zich erin vast onder de bezielende aanvoering van Tata Steel. Nu, na zes jaar investeren en organiseren, is de logistieke keten over water dermate geoptimaliseerd dat de kostprijs van het natte transport lager ligt dan het vervoer per trein. “Nu de overslaglocaties zijn opgetuigd en in bedrijf genomen en het natransport is georganiseerd, neemt het vervoer van de staalrollen over water een vlucht”, vertelt mede-eigenaar Patrick le Cessie van Gebr. De Korte. “Er ontstaat meer vraag naar tonnage en daarom hebben wij dit schip laten bouwen.”

De Enterprise is het achtste eigen schip in de vloot. De rederij annex bevrachtingskantoor bevracht een totale vloot van gemiddeld zo’n 55 tot 60 schepen, waarvan een groot deel actief is in het kolentransport naar Mannheim en het transport van staalrollen voor de auto- en witgoedindustrie naar Birsfelden (Basel), eveneens in opdracht van Tata Steel.

In de stuurhut van de Enterprise.

Geringe diepgang

Voor genoemde groei van werkzaamheden met Donauvaart was uitbreiding van de vloot wenselijk. Gezien de relatief geringe diepgang op de Donau – maximaal 2,50 meter en in droge tijden nog veel minder, in deze droge zomer bijvoorbeeld slechts 1,20 meter – zocht Gebr. De Korte naar een type schip met optimale prestaties bij geringe diepgang. “Wij hoorden goede verhalen over de Sunrise-schepen die bij GS Yard worden gebouwd. In eerste instantie waren dit enkel tankers, maar toen we hoorden dat er ook een drogelading Sunrise was gebouwd, was onze interesse gewekt”, vertelt Le Cessie. Waar de opvallende gunstige verhouding verbruik-laadvermogen in veel gevallen voorop staat, koos Gebr. De Korte met name voor de Sunrise vanwege de prima prestaties bij geringe diepgang. Le Cessie: “Met een tonnage van 2085 op 2,50 meter diepgang is het laadvermogen van dit schip zo’n vijftien procent groter dan dat van vergelijkbare 110-meterschepen. Dat was voor ons zeer relevant.”

Daarnaast was snelle levering uitermate wenselijk. Want toen de verschuiving van het transport van spoor naar water in een stroomversnelling kwam, was het een kwestie van voorzien in voldoende rendabel scheepstonnage. “Cascobouw en afbouw van de Enterprise waren binnen zes maanden klaar. De samenwerking verliep prima en het resultaat is naar ieders tevredenheid. De proefvaart was succesvol en alle certificaten zijn behaald. Onze eerste indruk is uitstekend, we gaan nu een maand of drie varen en komen dan waarschijnlijk nog een keer kort terug op de werf om een lijst met laatste puntjes af te werken.”

Speciale wensen

Voor de bouw van de Enterprise maakte Gebr. De Korte enkele speciale wensen kenbaar. Zo was een behoorlijke aanpassing van het achterschip bovenwater gewenst. Mede-eigenaar Johan de Korte van Gebr. De Korte tekende hiervoor het ontwerp. “Het betreft onder meer aanpassingen naar onze eigen wensen aan de roef en de boeiing, die het schip wat ons betreft met name optisch verfraaien. Wij kregen van de werf de ruimte en gelegenheid om de tekeningen aan te passen binnen de contractafspraken.” Ook heeft Gebr. De Korte een voorroef laten integreren. Verder is er een ingrijpende aanpassing gedaan aan de constructie. De opdrachtgever leverde dertig ton laadvermogen in voor versteviging van de constructie. “Standaard is een langsspantverband met dwarsspanten om de drie meter. Wij hebben gekozen voor dwarsspanten om de meter, zodat er een raamspantconstructie ontstond. Zo hebben we nog steeds een lichtgewicht schip, maar wel eentje die qua contructie ijzersterk is.”

Tekst en foto’s Jan Johan ten Have

 




GEEF JE MENING

Wilt u liever reageren zonder registreren?
- Voer uw commentaar in
- Vul uw naam en e-mailadres in
- Vink "Ik reageer liever als gast" aan
- Druk op de pijl om de reactie te plaatsen.